Recht op bijstand, direct naar hoofdmenu
gemeente .
Terug naar de startpagina
Algemene bijstand is een uitkering die u kunt ontvangen als u niet meer kunt voorzien in uw levensonderhoud en u geen recht heeft op een andere uitkering of regeling.
Bijzondere bijstand is een eenmalige uitkering die u kunt ontvangen als u noodzakelijke kosten heeft die u niet van uw inkomen kunt betalen.
Langdurigheidstoeslag is een jaarlijkse toeslag die u kunt ontvangen als u langdurig een laag inkomen heeft en geen zicht heeft op inkomensverbetering.
Hierna worden in het kort de belangrijkste onderwerpen in de bijstand uitgelegd.
De bijstandsuitkering is bedoeld als het vangnet van de sociale zekerheid in Nederland. Een bijstandsuitkering kunt u alleen krijgen als u niet zelf kunt voorzien in uw levensonderhoud. Dat betekent dat u geen geld heeft om uw huur, eten, drinken, kleding, ziektekostenverzekering, gas, water en licht te betalen. Ook van belang is dat u geen recht heeft op een andere uitkering of regeling waarmee u de kosten kunt betalen. Met een laag inkomen kunt u gedeeltelijk recht hebben op een bijstandsuitkering. Als u een bijstandsuitkering aanvraagt, wordt ook rekening gehouden met inkomen en vermogen van uw partner. Hetzelfde kan gelden als u samenwoont.
De Wet werk en bijstand (WWB) is de wet op grond waarvan u recht kunt hebben op een bijstandsuitkering. In principe voeren de gemeenten de wet uit en betalen de uitkeringen. Alleen voor mensen van 65 jaar of ouder, voert de Sociale Verzekeringsbank (SVB) de wet uit en betalen zij de uitkeringen. Als u jonger bent dan 65 jaar, moet u uw bijstandsuitkering in principe aanvragen bij het UWV WERKbedrijf in uw gemeente. Als u 65 jaar of ouder bent, moet u de uitkering (ofwel inkomensvoorziening ouderen) aanvragen bij de Sociale Verzekeringsbank. Heeft u een bijstandsuitkering aangevraagd bij het UWV WERKbedrijf, dan sturen zij uw aanvraag door naar de gemeente. De gemeente beslist dan uiteindelijk of u recht heeft op een bijstandsuitkering.
| Uw gemeente heeft mogelijk nog andere regelingen voor mensen met een laag inkomen, de minimavoorzieningen. Heeft u recht op bijstand, dan heeft u vaak ook recht op deze voorzieningen. |
U kunt een bijstandsuitkering aanvragen als u 27 jaar of ouder bent en Nederlander bent of kunt worden gelijkgesteld met een Nederlander. Bovendien moet u in Nederland wonen of verblijven. Bent u jonger dan 27 jaar? Dan kunt u mogelijk recht hebben op een werkleeraanbod en inkomensvoorziening op basis van de Wet investeren in jongeren (WIJ).
Voldoet u aan die voorwaarden, dan is verder van belang dat u niet uitgesloten bent van het recht op een bijstandsuitkering. U bent bijvoorbeeld uitgesloten op het moment dat u gedetineerd bent.
Ook is het voor uw recht op een bijstandsuitkering van belang hoe veel inkomen en vermogen u heeft. Uw inkomen mag niet hoger zijn dan de voor u geldende bijstandsnorm en uw vermogen mag niet hoger zijn dan toegestaan voor een bijstandsuitkering. Hebt u helemaal geen inkomen, dan kunt u recht hebben op een volledige bijstandsuitkering. Hebt u wel inkomen, maar lager dan toegestaan, dan kunt u recht hebben op aanvullende bijstand tot de voor u geldende bijstandsnorm. Hoe veel vermogen is toegestaan, is afhankelijk van uw leefsituatie:
| Leefsituatie | Maximaal toegestaan vermogen |
| U bent alleenstaand | € 5.480,00 |
| U bent alleenstaande ouder | € 10.960,00 |
| U bent gehuwd (dit bedrag geldt voor beide partners samen) | € 10.960,00 |
Hoe veel bijstand u maximaal kunt ontvangen is afhankelijk van uw leefsituatie. U kunt aangemerkt worden als alleenstaande, Alleenstaande ouder of als gehuwden. U kunt ook als ‘gehuwd’ aangemerkt worden als u niet daadwerkelijk getrouwd bent, maar bijvoorbeeld samenwoont. De hoogte van de wettelijke basisuitkering is als volgt:
| Leefsituatie | Wettelijke basisuitkering (incl. vakantiegeld) per maand |
| U bent alleenstaand | € 652,19 |
| U bent alleenstaande ouder | € 913,06 |
| U bent gehuwd (dit bedrag geldt voor beide partners samen) | € 1.304,37 |
Afhankelijk van uw leefsituatie kan de gemeente bepalen dat u recht heeft op een toeslag of dat uw uitkering wordt verlaagd. Uw uitkering hoeft dus niet altijd precies even hoog te zijn als de bedragen in de tabel.
Uw bijstandsuitkering wordt maandelijks betaald, meestal achteraf. De uitkering van bijvoorbeeld de maand mei wordt dus betaald in juni.
De bedragen in de bovenstaande tabel zijn inclusief 5% vakantiegeld. Dat krijgt u niet maandelijks uitbetaald maar één keer per jaar, meestal in juni. Daarom krijgt u in werkelijkheid maandelijks minder uitbetaald dan de tabel vermeldt.
Als u een bijstandsuitkering heeft aangevraagd, kan het acht weken duren totdat de gemeente heeft besloten of u recht heeft op een bijstandsuitkering. In de tussentijd kunt u recht hebben op een voorschot van de gemeente om in uw levensonderhoud te voorzien. Dat voorschot ontvangt u iedere vier weken en is 90% van de voor u geldende bijstandsnorm.
Voor mensen van 65 jaar en ouder gelden afwijkende bijstandsuitkeringen. De uitkering voor mensen van 65 jaar of ouder, ook wel de inkomensvoorziening ouderen genoemd, is afgestemd op de AOW.
Blijkt achteraf dat u ten onrechte of te veel bijstand heeft ontvangen, dan kan de gemeente de bijstand die u niet had mogen ontvangen terugvorderen. Die bijstand moet u dan terugbetalen.
Als u een bijstandsuitkering aanvraagt of ontvangt, moet u zich houden aan verplichtingen. Doet u dat niet, dan kan de gemeente uw bijstandsuitkering verlagen of beëindigen. Ook heeft de gemeente de mogelijkheid u bijstand te verstrekken in de vorm van een geldlening. Dat betekent dat u de gemeente die bijstand later moet terugbetalen. Bent u 65 jaar of ouder en krijgt u een inkomensvoorziening ouderen (een vorm van aanvullende bijstand), dan gelden voor u dezelfde regels als voor mensen die jonger zijn dan 65 jaar. Alleen de arbeidsplicht geldt niet voor u als u 65 jaar of ouder bent.
De verplichtingen:
| Verplichtingen | Uitleg |
| Legitimatieplicht | U moet u, als de gemeente dat vraagt, legitimeren met een geldig legitimatiebewijs. |
| Inlichtingenplicht | U bent verplicht alle wijzigingen in uw situatie die van invloed kunnen zijn op uw recht op bijstand te melden bij uw gemeente. Dat geldt bijvoorbeeld als u een studie wilt gaan volgen, op vakantie wilt gaan, een alternatieve straf moet ondergaan of vrijwilligerswerk wilt doen. |
| Arbeidsplicht | U bent verplicht alles te doen om zo snel mogelijk betaald werk te vinden. De gemeente kan u daar bij helpen. Doet de gemeente dat, dan bent u verplicht mee te werken. In uitzonderingssituaties kunt u worden vrijgesteld van de arbeidsplicht. |
| Medewerkingsplicht | U bent verplicht mee te werken met voorzieningen die de gemeente u aanbiedt om zo snel mogelijk aan het werk te komen. Ook moet u meewerken aan onderzoeken die uw gemeente wil (laten) verrichten. Een bijzondere vorm van de medewerkingsplicht is de plicht mee te werken bij een bezoek aan huis. |
| Geen onnodig beroep op bijstand | U bent verplicht geen onnodig beroep op de bijstand te doen. Daarvan is bijvoorbeeld sprake als u een andere uitkering te laat heeft aangevraagd of uw vermogen te snel heeft opgemaakt. |
| Correct gedrag | U bent verplicht u correct te gedragen tegenover alle medewerkers van de gemeente. U mag bijvoorbeeld niet schelden, niet discrimineren en geen vernielingen aanrichten. |
| Budgetteringsplicht | Vindt de gemeente het nodig, dan kan ze u de budgetteringsplicht opleggen. De gemeente kan dan namens u betalingen verrichten. Zo kan de gemeente bijvoorbeeld rechtstreeks uw huur betalen of uw vaste lasten zoals gas, water en licht. |
| Overige verplichtingen | De gemeente kan u nog andere verplichtingen opleggen. Ze kan bijvoorbeeld bepalen dat u verplicht bent uw ex-partner alimentatie te vragen. |